Voorwoord

Waar blijft toch die vraag?

Verbaasd kijk ik naar de traagheid waarmee producenten en overheden hun verantwoordelijkheid nemen voor de circulaire economie. Op enkele uitzonderingen na lijkt het alsof bij de meerderheid de urgentie nog niet is doorgedrongen. En waar dat wel het geval is, is de actiebereidheid allerminst groot.

In 2017 nam ik deel aan verschillende bijeenkomsten rond circulariteit. Daarbij viel me vaak op dat producenten hun focus uitsluitend hebben op het traject van productie-consumptie: dat deel van de keten dat zich tussen hen en de klant bevindt. Het blijkt moeilijk om verder vooruit te kijken, naar wat er mogelijk is na de fase van consumptie. Anders gezegd: de vraag die nog steeds te weinig wordt gesteld, is hoe we consumptie aan productie verbinden.

SUEZ en andere ondernemingen in onze sector hebben in de afgelopen jaren die vraag wel gesteld. En door steeds meer hergebruik en recycling mogelijk te maken, hebben we al veel antwoorden kunnen geven. Inmiddels kijken we voortdurend naar de waarde van terug te winnen grondstoffen, werken we aan de optimale manier van inzamelen en bewerken en zoeken we hoogwaardige toepassingen.

Ten opzichte van het denken en doen van producenten en overheden is de transformatie in onze sector fundamenteler. Fabrikanten staan zich erop voor recyclebare kunststof verpakkingen op de markt te brengen, terwijl die al gemaakt hadden kunnen zijn van recyclaat. Kennelijk komt het laatste nog onvoldoende bij productontwikkelaars op. Of is het de afdeling marketing die vindt dat het niet aan de consument kan worden uitgelegd?

Hetzelfde gebrek aan doortastendheid ervaar ik bij de overheid, die een allerminst ambitieuze doelstelling van 10% circulair inkopen hanteert. In de nieuwe wereld is het cruciaal dat de lat hoger wordt gelegd. Circulariteit ontstaat door wet- en regelgeving én bij kritische, veeleisende afnemers. En de circulaire ambitie kan alleen worden behaald wanneer iedereen – elke partner in de keten – zijn verantwoordelijkheid neemt en zijn rol speelt.

In de verwachting dat goed voorbeeld doet volgen, steken wij – SUEZ en collega-ondernemingen – wel onze nek uit. Bijvoorbeeld door te investeren in innovatie, nieuwe technieken, nieuwe businessmodellen en nieuwe producten, zoals wij deden in de revolutionaire kunststoffenfabriek QCP. We doorbreken vastgeroeste ideeën en werkwijzen. Een goed voorbeeld van 2017 is de samenwerking in Greencollect in steden als Gouda en Haarlem. Terwijl we volledige concurrenten van elkaar blijven, bundelen we onze krachten en werken we samen om onze binnenstedelijke inzamelroutes te verduurzamen en het aantal voertuigbewegingen fors te reduceren.

We maken keuzes

Binnen onze onderneming maken mensen gerichte keuzes over wat we wél en wat we niet doen. We zien kansen en durven daar ook voor te gaan. We hebben successen en soms tegenslagen. Er mogen ook fouten worden gemaakt. De nieuwe circulaire economie vraagt nu eenmaal ook om learning by doing.

In alle geledingen zijn onze medewerkers steeds meer doordrongen van de rol die we als SUEZ willen hebben, alsmede van de strategie die we daarvoor kozen. Cruciaal daarbij is onze toenemende openheid waarbij we ons steeds kwetsbaarder durven op te stellen. We wijzen daarbij voortdurend op het belang van co-creatie. Alleen door een open, pro-actieve houding kunnen we met partners ondernemen en nieuwe initiatieven nemen. Die initiatieven komen tot bloei als we elkaar het vertrouwen gunnen.

Openheid kenmerkt ook onze dienstverlening aan klanten met wie we steeds intensiever samenwerken en oplossingen zoeken. We beschikken over steeds meer data van hetgeen gebeurt in de keten. En we delen die informatie nadrukkelijk.

Omwille van onze cultuur is ook de benadering van de arbeidsmarkt strategischer dan ooit. Terwijl we medewerkers behouden door hun persoonlijke ontwikkeling centraal te stellen, zoeken we nieuwe mensen die bij ons passen. Behalve voor het werk moeten ze qua persoonlijkheid ‘fit for Suez’ zijn.

Klaar voor nieuwe uitdagingen

In het afgelopen jaar hebben we het als onderneming goed gedaan. Weliswaar hadden we enkele tegenvallende situaties bij onze afvalenergiecentrale en in de verwerking van de stroom PMD, maar die zijn we aan het oplossen. Gelijktijdig hebben we weer aandacht voor de robuustheid van onze onderneming. De stappen die we daarvoor inmiddels nemen, verstevigen de continuïteit van onze dienstverlening. En omdat we het vertrouwen genieten van de meeste van onze klanten, staan we er goed voor.

We zijn fit en klaar voor nieuwe uitdagingen in de circulaire economie.

Wieger Droogh

Algemeen directeur